Gezicht

Op zolder daar liggen stapels met geheimen. Althans, geheimen die ik vroeger als meisje had. Over de vlammetjes in mijn leven. Hartjes in mijn agenda, een pijltje erdoor met twee letters. Een van hem en een van mij. Onschuldig. Fris en vrolijk. Ik oefende dan zijn achternaam, voor het geval we zouden trouwen. Was de achternaam te moeilijk dan viel hij heel snel af. Zo kwam ik in mijn agenda een oud gedichtje tegen.

 

als de zon
Niet meer zou schijnen
Dan was er toch
Een beetje licht
Dat komt van
De lach op jouw gezicht

Vandaag kreeg mijn oude liefde op eens weer een gezicht. Een foto op facebook en op zijn blog. Kreeg heel even de neiging een hartje te tekenen met een pijltje erdoor. Nu geen schoolagenda meer vol met geheimen, maar een blog vol herinneringen.

Advertisements

Brieven

Een vriend uit het verleden is terug in mijn leven. Op afstand hoor. Wees maar niet bang. Maar wat heerlijk om weer te kunnen delen, dat alles wat vroeger was. En verder te kijken naar het heden en zien dat alles bij het oude is gebleven.

Dezelfde woorden, blikken en gebaren.

Hij heeft me gezegd een brief te zullen schrijven. Ik kijk er naar uit. Kwam er in de verhuisdoos nog een aantal van hem tegen. Een andere datum, 20 jaar terug. Ben benieuwd of de inhoud hetzelfde is gebleven.

Stilte

Even is het stil in mij. Behalve mijn hart. Dat schreeuwt. Van onmacht. Zo’n avond waarop ik mijn kinderen knuffel en ze recht aankijk. Ik vertel ze dat ik van ze hou.

Het nieuws zet ik uit. Vandaag en morgen. Even vergeten dat er vandaag kinderen naar de basisschool gingen en nooit meer terugkwamen.

 

En weer denk ik: gelukkig hoef ik geen recht te spreken, niet te oordelen. Alleen voelen. En dat is al meer dan genoeg. Meer dan een mens aankan.

Strafschop

Van een strafschop naar een strafzaak. Letterlijk en figuurlijk. Ik ben geschrokken door het verhaal over de grensrechter die klinisch dood verklaard is nadat hij zondag tijdens een voetbalwedstrijd enorm is toegetakeld. Ik heb er geen woorden voor. Gelukkig prijs ik mij dat ik mijn ambt als advocate heb opgegeven. Dan hoef ik niet te oordelen. Niet op zoek te gaan naar het recht. Als moeder, als mens, komt er een gevoel van intens verdriet in mij naar boven. Ik herken mezelf weer terug in dit gevoel; dat kwam ik vroeger wel eens tegen waarin ik in juridische zaken opging waarvan de feiten zo gruwelijk, zo vreselijk waren en ik het opnam voor mijn klant. Zakelijk en formeel bleef ik dan, volgens de letter van de wet. Maar mijn gevoel heb ik nooit helemaal kunnen wegstoppen, naast advocate was ik toch ook gewoon mens? Wat ik meestal deed was naar huis racen met de autoradio heel hard aan. Thuis deed ik dan de gordijnen dicht en de deur op slot. Voor de kinderen deed ik dan altijd of ik zin had in een gezellige familie-avond. Filmpje kijken, chips erbij, dekentje op de bank. Weg van de boze buitenwereld. Weg van de onmacht. Weg van het onrecht. Weg van alles waarop ik geen antwoord kon vinden.

Dat antwoord kan ik nu weer niet geven? Waarom hebben die jongens die man geschopt?

Ik heb de gordijnen vandaag eerder dicht gedaan.